Goos Lier: Soja in veevoer een restproduct? Dat is desinformatie!’

Goos Lier heeft een geheel verouderd beeld van het gebruik van soja in de diervoerderindustrie. Dat althans is de conclusie die hij zou kunnen trekken na een gesprek met het Raalter CDA-raadslid Teun Schuurkamp. “De media schets ons en geheel verkeerd beeld voor”, legt Teun uit aan Goos op de Dag van de Nieuwe Energie in het provinciehuis van Zwolle. Maar is dat wel zo?

Door Goos Lier
(onderzoeker Duurzame Energievoorziening Saxion)

Op het visitekaartje van Teun staat dat hij een rol vervult bij Trouwnutrition, een Nutreco company. Als mijn beeld over soja in diervoer onjuist zou zijn, kan ik daar natuurlijk alleen maar blij om zijn. Immers het zou betekenen dat een belangrijk maatschappelijk probleem lang niet groot zo is als dat ik altijd denk.

Mijn ‘verouderde’ beeld
Even mijn verouderde beeld. De Nederlandse veevoerindustrie maakt op grote schaal gebruik van soja (en andere grondstoffen) uit vooral ‘derde wereld landen’. De productie in het buitenland van Europa vindt op een niet verantwoorde manier plaats. Soja-akkers zijn binnen enkele jaren uitgeput. Uitputting van de grond leidt in veel gevallen tot erosie van berghellingen, waardoor vruchtbare grond verdwijnt. Over arbeidsomstandigheden en over de wijze waarop de percelen zijn verworven heb ik het nu niet.

Onze voortvarende manier van landbouwbedrijven en de relatief gunstige ligging ten opzicht van de haven van Rotterdam zijn er in de tweede helft van de 20e eeuw de oorzaak van dat de Nederlandse veehouderij veel soja gaat gebruiken. De mineralen in de ingevoerde soja en andere exotische input veroorzaken in combinatie met het uitgebreide kunstmestgebruik een aanbod van mineralen dat de ecologische kringloop in Nederland ver te boven gaat. Het grote overschot aan mineralen leidt tot een scala aan milieuproblemen, onder andere vervuiling van oppervlakte- en grondwater, aantasting van natuurgebieden en afname van de biodiversiteit. Een groot deel van het vlees en de zuivelproducten wordt geëxporteerd en wij blijven zitten met de rotzooi.

Inbreng Teun Schuurkamp
Na een gesprek op de Dag van de Nieuwe Energie stuurt Teun me een mail met (citaat) “als bijlage de werkelijke cijfers uit de gegevens van de NEVEDI en CBS over 2018. Hieruit blijkt dat:

  • er vrijwel geen soja uit Brazilië geïmporteerd wordt
  • alle geïmporteerde soja uit duurzame productie komt
  • Nederland slechts een heel klein deel van de wereldproductie importeert
  • Vrijwel alle geïmporteerde soja voor humane doeleinden gebruikt wordt
  • In veevoer vrijwel uitsluitend afval uit de humane sector verwerkt wordt.”

Maar…
Maar volgens ‘The European soy monitor’ van het IDH/IUCN NL bestaat in 2017 de import voor bijna de helft uit Braziliaanse soja. Ik weet even niet waar het verschil in waarneming vandaan komt. Het klopt wel dat in procenten de Nederlandse import van soja een klein deel van de wereldproductie uitmaakt (ongeveer 1%). Dat wil echter niet zeggen dat het in absolute zin niet om een enorme hoeveelheid gaat. In een rapport van het LEI (rapport uit 2014, Robert Hoste i.o.v Stichting ketentransitie verantwoorde soja) wordt gesproken over een oppervlakte van 780.000 ha (88 bij 88 km) die in het buitenland nodig is voor de in Nederland geïmporteerde soja. Wat ook duidelijk is, is dat we jaarlijks 50% of meer van de eiwithoudende gewassen en oliehoudende zaden van buiten Europa halen (rapport van WUR, Cormont en Van Krimpen, i.o.v. Milieudefensie, 2016). Voor Nederland is dat cijfer veel ongunstiger. Slechts, een klein deel van het areaal in Nederland wordt gebruikt voor deze gewassen.

Ja, het klopt dat er duurzaamheidseisen gesteld worden aan de soja-productie in het buitenland. Melkveehouders (geldt wellicht ook voor andere sectoren) mogen alleen voer afnemen van veevoerleveranciers die voldoende RTRS-certificaten hebben gekocht. De criteria voor het verkrijgen van een certificaat hebben te maken met het voorkomen van illegale ontbossing en verantwoorde milieu- en arbeidsomstandigheden. Laten we voor nu aannemen dat het goed zit met de handhaving, blijft dat de landbouwgronden op termijn worden uitgeput.

De zuivelsector heeft dan ook de wens uitgesproken om over te stappen naar verantwoorde soja op basis van ‘mass balance’ (gesloten kringloop). Samen met de maatschappelijke organisaties heeft de zuivelsector geconstateerd dat er op dit moment nog onvoldoende ‘mass balance’ soja beschikbaar is om dat betaalbaar te houden (NZO, factsheet Soja in de melkveehouderij, 2016).

En ook ja, er wordt een deel van de sojabonen gebruikt voor humane doeleinden. Echter, het grootste deel van de boon zowel in kilogrammen als in euro’s wordt gebruikt voor de veevoederindustrie (onder andere artikelen in het weekblad De Boerderij). Het is wel heel misleidend om dan sojaschroot en sojameel als restproducten te beschouwen van de humane sector.

Kortom
Kortom, ik wacht nog even met het bijstellen van mijn verouderde beeld.

Het is vervelend als het een gewoonte gaat worden om elkaar met informatie te misleiden en erg moeilijk om dan maatschappelijke problemen op te lossen.

Het bericht Goos Lier: Soja in veevoer een restproduct? Dat is desinformatie!’ verscheen eerst op Opinie in Salland.


Het hele artikel is te lezen op www.Salland1.nl

Over Salland TV

x

Check Also

College zet seinen op groen voor Olstergaard

Dinsdag 12 november stemde het college van b&w van Olst-Wijhe in met ...